Log in op Mijn VVD

VVD kritisch over voorstel Duurzaamheidsfonds Zoetermeer 2040

Maandag 25 januari besprak de commissie Stad van de Zoetermeerse gemeenteraad het raadsvoorstel Duurzaamheidsfonds Zoetermeer 2040. In het coalitieakkoord 2018 – 2022 ‘Groene veilige stad met ambitie’ is afgesproken dat er bij een succesvolle verkoop van de aandelen Eneco een duurzaamheidsfonds wordt ingesteld. Het Duurzaamheidsfonds biedt de mogelijkheid om een bijdrage te leveren in de realisatie van de ambities op het terrein van duurzaamheid, waaronder de warmtetransitie en de verkenning windenergie en zonnestroom. Het duurzaamheidsfonds levert uiteraard ook een bijdrage aan het tegengaan van de gesignaleerde negatieve mechanismen in het rapport Louter dan mede aan de basis heeft gelegen aan de Omgevingsvisie Zoetermeer 2040. De VVD-fractie was kritisch op het voorstel, bij monde van VVD-raadslid en woordvoerder Jan Willem Schotel: ‘In de stukken wordt gesteld dat als gevolg van de verduurzaming de woonaantrekkelijkheid van de stad wordt verbeterd. Dat is niet logisch. Verduurzamen andere gemeenten dan niet of minder dan Zoetermeer? Verbetering van woonaantrekkelijkheid is toch iets wat je doet in vergelijking met andere gemeenten? Er wordt voorts gesteld dat dat verduurzaming van woningen leidt tot minder energievraag en daarom tot vermindering van schuldenproblematiek. Ook dat is niet logisch want we proberen de kosten van verduurzaming toch woonlastenneutraal te laten zijn? Maar geeft dat lagere lasten? Minder schuldenproblematiek?’.

Ook de verbindingen die er zouden zijn tussen de negatieve mechanismen uit de Omgevingsvisie Zoetermeer 2040 en het voorstel voor het vormen van het Duurzaamheidsfonds zijn op enkele plekken geforceerd. Een belangrijk, eerder geformuleerd uitgangspunt in het voorstel zou moeten zijn dat het fonds zou een ‘revolverend karakter’ heeft. 'Toch zien we nergens dat er gelden terugvloeien in het fonds of dat de investeringen leiden tot harde besparingen elders. Alleen maar het soort softe teksten’, aldus Jan Willem Schotel: ‘Ook wordt in de lijst van bestedingsgroepen weinig aandacht voor initiatieven van bedrijven en is de ratio achter de voorgestelde verdeling van gelden in het fonds niet helder’.

In zijn reactie namens het college gaf wethouder Paalvast aan dat er wel sprake zal zijn dat de woonaantrekkelijkheid van Zoetermeer zal toenemen. Zoetermeers is immers een relatief jonge stad met een relatief jonge woningvoorraad. Investeren in verduurzaming zal snel rendement hebben. Bovendien kunnen geleerde lessen in de ene wijk betrekkelijk makkelijk meegenomen worden naar een andere wijk. Dan zal Zoetermeer zich ook gaan onderscheiden ten opzichte van andere gemeenten, zo is de verwachting van het college.

Ook vindt de wethouder dat er wel sprake is van een ‘revolverend karakter’ van het fonds, hoewel door het stellen van de wedervraag aan de commissie ‘wat verstaat u dan onder revolverend’ toch reden voor twijfel gaf. Op de vraag of ook bedrijven aanspraak kunnen maken op gelden vanuit het fonds, kon de wethouder de VVD geruststellen: ja, die zijn niet vergeten en zij kunnen in aanmerking komen voor duurzaamheids-initiatieven.

Maandag 31 januari vergadert en besluit de gemeenteraad over het raadsvoorstel. Kijk voor de plannen en ideeën van de VVD op het terrein van groen en duurzaam in het nieuwe Verkiezingsprogramma 2022-2-26.